Publicaties‎ > ‎

Wolfert Brederode

Interview Wolfert Brederode, pianist, componist, 10 september 2016

Inleiding
Als enige Nederlandse jazzartiest is hij getekend bij ECM. Het is pianist Wolfert Brederode een eer en genoegen om samen te werken met homo universalis en ECM-baas Manfred Eicher, die hij enorm inspirerend vindt. "Ik probeer dat niveau voort te zetten in al mijn andere projecten."

Wat kenmerkt je werk?
"Ik denk dat ik een zekere herkenbaarheid heb bereikt, waarin stilte en klank een grote rol spelen en bijvoorbeeld invloeden vanuit de minimal music van Steve Reich. Ik streef ernaar om voorspelbaarheden te vermijden. Inmiddels ben ik verwijderd geraakt van de jazztraditie."

Wat wil je communiceren met je publiek?
"Ik wil niet alles voorkauwen. Ik wil eerst zelf in de muziek gezogen worden en dan mijn publiek meenemen. Schoonheid en ruimte tot nadenken zijn belangrijk, zonder commercieel gewin, zonder trucs. Voorwaarde is dat mijn medemusici dezelfde weg willen bewandelen. Ik wil afwijkende vormen gebruiken en een totaalbeeld creëren dat niet afgekaderd is."

Wat is de rode draad in je carrière?
"Consequent willen zijn is een lijn die ik vasthoud. Ik wil goed naar mezelf luisteren en zeker ook naar anderen. Het willen aanbrengen van een afgerond geheel, het vertellen van een verhaal, is een rode draad. Mezelf blijven ontwikkelen en me laten inspireren door andere kunstvormen als schilderkunst en film is ook een constante."

Heb je het gevoel dat je in een traditie staat?
"Vroeger luisterde ik naar allerlei stijlen: pop, rock, Kurt Weill, Rachmaninov, via platen van mijn ouders of platen waar ik zelf voor spaarde. Later ging ik jazz ontdekken, ik vond het te gek: Herbie Hancock, Bill Evans. Al improviserend kom je al snel bij jazz terecht. Later op het conservatorium voelde de traditie beklemmend aan, mijn eigen werk leed eronder. Ik wilde grenzen oprekken en buiten standaardvormen treden, zonder er overigens tegenaan te trappen. Na me enkele jaren op de hardbop en bebop te hebben geconcentreerd, merkte ik dat ik naar verbreding en een meer eclectisch en lyrisch geluid zocht in mijn eigen spel en composities."

Wat waren markante momenten in de afgelopen tien jaar?
"In het algemeen zijn dat de keren dat alles op zijn plek valt en dat je boven jezelf uitstijgt. Ik heb wel een aantal specifieke herinneringen, zoals het optreden met zangeres Susanne Abbuehl in het Amsterdamse Orgelpark in 2014. De opnamen voor ECM met Manfred Eicher zijn ook altijd markante momenten waardoor ik bezield kan raken. In het dagelijks leven heb ik geluksmomenten als er een eenheid is van tijd, plek, ruimte en licht, dat ik ervaar dat alles klopt."

Welke artistieke keuzes heb je de afgelopen tien jaar gemaakt?
"Ik heb geen commerciële dingen willen doen, geen musicals bijvoorbeeld. Ik ben gestopt met ensembles waar ik me artistiek niet langer op mijn plek voelde. Inhoudelijk heb ik willen kiezen voor openheid, melodie, maar ook abstractie. Het lesgeven aan gemotiveerde studenten voelt ook goed."

In welke zin ben je muzikaal gegroeid?
"Ik heb steeds beter moeten bepalen waar mijn kracht ligt en daarnaar durven handelen. Ik heb altijd genoten van het vooruitzicht om te kunnen groeien. Centraal staat dat ik steeds meer vocaal ben gaan denken, spelen als een zanger die de melodie maakt. Ik hoor de piano steeds meer als een menselijke stem met buigingen en vibrato."

In hoeverre ben je cultureel ondernemer?
"Ik ben een ouderwetse ZZP'er die veel dingen zelf doet, maar wel mét een boeker. Ik onderhoud mijn eigen website en zit daar bovenop. Het is moeilijk om jezelf te verkopen, maar je moet dat wel leren. Het is een kwestie van structureren."

Hoe breng je je muziek bij het publiek onder de aandacht?
"ECM doet veel voor me, met promotie en distributie, betere reclame kun je niet hebben. Het zorgt voor een prima uitstraling. Verder maak ik gebruik van sociale media. Het moet duidelijk zijn wie ik ben, wat ik doe en waarvoor ik sta. Ook in publicitaire uitingen wil ik consequent zijn en een lijn vasthouden."

Welke ambities heb je voor de komende tien jaar?
"Ik wil me vooral richten op mijn eigen trio, maar ik sta open voor projecten met anderen. Verder wil ik veel componeren en blijven studeren."

Welke ontwikkelingen zie je in het jazzklimaat in Nederland?
"Er lopen veel goede spelers rond, zoals Reinier Baas en Joris Roelofs, die met originele, eigenzinnige projecten komen. De jonge generatie is snel en handig met sociale media, met elektronica, effecten en editing. Soms gebruiken ze in mijn optiek te veel elementen en invloeden, er kan dan ruis om de kern ontstaan."

Hoe ziet de toekomst van de jazz in Nederland er uit?
"Alles is tegenwoordig digitaal makkelijk toegankelijk, wat tot meer diversiteit en cross-over leidt. Ik denk dat het vertolken van traditionele standards meer op de achtergrond zal geraken en de nadruk nog meer komt te liggen op eigen werk en een eigen idioom. Ik zie een grote rol voor de contemporaine muziek met zijn ideeënrijkdom, denk aan iemand als Michel van der Aa, denk aan de invloed van minimal music.  Ik zie ook mogelijkheden voor de combinatie met dans en andere kunstvormen. Uiteindelijk zijn we allemaal bezig met wat de toekomst ons brengt."