Publicaties‎ > ‎

Sean Bergin

Interview over Sean Bergin, met Jacko Schoonderwoerd, Victor de Boo en Boy Raaymakers, 25 juni 2013

De grote man zou morgen 65 geworden zijn. Op initiatief van het Bimhuis wordt er daarom een verjaardagsprogramma gepresenteerd met enkele tientallen muzikanten die met hem gespeeld hebben. Saxofonist en fluitist Sean Bergin overleed vorig jaar aan een slopende ziekte, en dat ligt menigeen nog vers in het geheugen. "Het wordt een feest, geen herdenking", zegt bassist Jacko Schoonderwoerd met nadruk. Hij en drummer Victor de Boo vormden gedurende meer dan twintig jaar met Bergin de kern van de geroemde jazzjamsessies in café De Engelbewaarder op de Kloveniers Burgwal en een aantal jaren in café-restaurant Het Museum. Ook speelden zij in Bergins band MOB. Zij behoorden niet alleen tot de nauwe collega's maar ook tot de beste vrienden, met wie de rietblazer week in week uit optrok. Dat geldt ook voor trompettist Boy Raaymakers, die altijd bij de sessies aanwezig is geweest als gastspeler.

Op de avond in het Bimhuis vinden optredens plaats van bands die allemaal steeds door één persoon zijn bedacht en samengesteld in de geest van Bergin. Ritmetandem De Boo en Schoonderwoerd treedt aan in een kwintet met Raaymakers, pianist Leo Bouwmeester en blazer Alex Coke. Verder treden onder meer op J.C. Tans & His Rockets, twee versies van MOB, Corrie van Binsbergen, Ernst Reijseger, Han Bennink en Tobias Delius. Een prominente rol is weggelegd voor dochter, zangeres Una Bergin. De bands bepalen allemaal zelf hun repertoire, dat uit de pen van Bergin zelf in ruime mate voorhanden is. Krakers als I'm Old Fashioned en The Nearness of You  kunnen niet ontbreken, Bergin kon ze dromen. "Iedereen verheugt zich op het feest", zegt Schoonderwoerd, "het zal een soort van reünie zijn met al die oude collega's". "Reken maar dat er heel wat herinneringen opgehaald worden", vult De Boo aan. 

Sean Bergin werd in 1948 in Durban, Zuid-Afrika, geboren als een halve Ier. Op jonge leeftijd was hij daar al te vinden in de Blue Note Club, waar blanke en zwarte muzikanten samen speelden, wat tiidens de apartheid lang niet door iedereen gewaardeerd werd. Begin jaren zeventig vestigde hij zich in Londen, waar zich toentertijd een bruisende enclave van Zuid-Afrikanen bevond. Uit die tijd stamt de anekdote over de beroemde jazzviolist Jean-Luc Ponty. Bergin musiceerde in die periode veel op straat en trok daarmee altijd tientallen toeschouwers. Toen hij van zijn verdiende centen eens een concert van Ponty had bijgewoond, speelde hij de volgende dag een van diens nummers. De violist was toevallig in de buurt en was zo onder de indruk van het vertoonde spel dat hij spontaan een biljet van honderd pond doneerde. 
Bergin gaf zijn geld makkelijk uit, ook royaal aan bedelaars. "Zonder de muziek had ik daar ook gezeten", zei hij dan.

In 1975 kwam de Zuid-Afrikaan met zijn theatergroep Friends Roadshow naar Nederland om bij het Festival of Fools op te treden. Hij bleef in Amsterdam hangen en is nooit meer weggegaan. Raaymakers: "Het muzikale klimaat in de Nederlandse hoofdstad beviel hem goed, de vrijheid, de openheid." "In die tijd had je een flinke polarisatie tussen de vrije musici en de traditionalisten van de bebop. Sean was een soort van bruggenbouwer", legt Schoonderwoerd uit. Bergin is decennia lang een markante figuur geweest in de scene, maar waaruit bestond zijn kern als muzikant?

Schoonderwoerd: "Sean was een echte verhalenverteller met een waanzinnige fantasie." Raaymakers: "Hij had altijd iets nieuws en hij gebruikte alles wat hij kende. Hij haalde overal muziek uit. Fouten bij het spel waren voor hem juist een uitdaging om daaruit een oplossing te destilleren." Fouten kapitaliseren, noemt Schoonderwoerd dat. De Boo memoreert zijn menselijke kant als muzikant: "Hij was iemand die mensen samenbracht en overal bij betrok. Iedereen mocht altijd meedoen. Als hij met jonge conservatoriumstudenten werkte, kon hij genieten van hun vorderingen." Schoonderwoerd benadrukt Bergins achtergrond: "Hij is een belangrijke exponent van de Zuid-Afrikaanse muziek, die zat in alles wat hij deed." Er valt ook wel wat negatiefs over deze geweldenaar te melden, zoals meestal met grote persoonlijkheden. Toen hij in 2000 de VPRO/Boy Edgarprijs in ontvangst nam, richtte hij zich tot het publiek met de woorden: "Ik wil mijn vrienden bedanken en ik wil ook mijn vijanden bedanken." Morgenavond in het Bimhuis zullen er vooral heel veel vrienden zijn.