Publicaties‎ > ‎

Roy Hargrove Quintet

Roy Hargrove Quintet, Bimhuis Amsterdam, 24 april 2014

Het is erg onrustig in de zaal. Veel mensen komen pas na aanvang van het concert binnen, er wordt door de muziek heen gepraat, er wordt herhaaldelijk geflitst met mobiele telefoons. Dit zijn geen frequente Bimhuisbezoekers. Trompettist Roy Hargrove heeft dan ook de allure van een popster, met zijn hanekam, zwarte zonnebril en middelengebruik.

Toch zoekt hij het vanavond vooral in traditionele jazz. Er komt veel bop voorbij, ballads en  slechts een enkel R&B-nummer. Het eerste halfuur kan Hargrove niet overtuigen. Hij articuleert slordig, maakt frases niet af en alles speelt zich af op een zelfde energieniveau. Altsaxofonist Justin Robinson is razendsnel, maar heeft weinig inhoud en slaagt er niet in een verhaal op te bouwen. Zelfs in de langzame nummers wil hij jakkeren. Als de twee blazers unisono spelen, mengen de klanken niet goed door ongelijk volume. Het contrapunt gaat de Amerikanen daarentegen veel beter af, met een heerlijke cadans. De ritmesectie speelt onberispelijk, met speelse accenten van pianist Sullivan Fortner, maar de solo van Ameen Saleem op contrabas had veel bondiger gekund. Drummer Quincy Phillips speelt onopvallend, wel adequaat.

Hargrove toont pas zijn grote klasse op het einde van de eerste set, als hij een ballad inzet. De tonen van zijn trompet zijn dan weldadig warm, met ietsje heesheid. De noten krijgen mooi gevarieerde lengtes en sterven fijntjes uit. Het is dan tien minuten stil in de zaal. Het kan haast geen toeval zijn dat Hargrove kort daarvoor even achter de coulissen is verdwenen. Hoogstwaarschijnlijk vanwege de middelen.