Publicaties‎ > ‎

Onno Govaert

Interview Onno Govaert, slagwerker en improvisator,
17 december 2013

"Vraag je dat aan iedereen?", zegt hij met een lachje, als hij ermee wordt geconfronteerd wat hem precies onderscheidt van al die andere vreselijk goede slagwerkers. Onno Govaert denkt diep na. "Ik ben een energieke drummer, maar hoe verschil ik dan van andere energieke drummers? Ik zoek naar een persoonlijke klank, naar een onbeperkt scala aan klanken zoals in een symfonieorkest. Mijn slagwerk moet voelbaar zijn als een resonerend instrument. Daarbij kunnen grenzen mij niet beperken. Aan genres hecht ik niet, hoewel je mij een freejazzdrummer kunt noemen. Ik blijf echter altijd zoeken naar nieuwe technieken en ritmes, ook in andere landen en culturen. Dat is erg stimulerend. In Brazilië zag ik een percussiegroep van honderd mensen, wat een oerkracht. Momenteel ben ik erg bezig met ritmes uit Ghana."

Het is kenmerkend voor de wijde horizon waarop Govaert (Tilburg, 1987) uitkijkt. Het zal ook een reden geweest zijn voor het Bimhuis om hem carte blanche te verlenen, waarbij hij met zelfgekozen artiesten een avondvullend programma mag samenstellen. "Ik wist meteen dat ik een samenstelling wilde waarin vrij zou worden geïmproviseerd. Wel moest ik goed nadenken over wie ik uit zou nodigen, er zijn zulke waanzinnige improvisatoren over de hele wereld. Ik zocht naar een combinatie van nieuwe en oude gezichten en wilde generaties bij elkaar brengen. Het ging me erom iets te presenteren van wat ik heb opgebouwd en daarnaast het onbekende op te zoeken. Ik heb onder meer Eduardo Marraffa gevraagd, dat is een Italiaanse rietblazer met wie ik één keer eerder heb gespeeld. Het klikte toen prima en saxofonist John Dikeman en hij zijn heel goed aan elkaar gewaagd." Dikeman en Govaert vormen met gitarist/bassist Jasper Stadhouders het trio Cactus Truck, waarmee de drummer bekend is geworden. De band was vorig jaar uitverkoren voor de Young VIP Tour, die het gezelschap langs bijna twintig podia in Nederland voerde. Ook deden zij een uitgebreide tournee in de Verenigde Staten en door Europa, met meer dan honderdvijftig optredens.

Een andere buitenlandse gast bij de carte blanche is Dag Erik Knedal Andersen, een explosieve, Noorse drummer. Govaert had hem in Oslo zien spelen, maar de twee hebben nog niet samengewerkt. "Wel geskied." "Hij genereert heel veel energie. Ik ga tegelijk met hem drums spelen, het moet één groots blaas- en drumfestijn worden, met twee saxofonisten en twee drummers." Voor de pauze is er een set met bassist Wilbert de Joode en Stadhouders, met wie Govaert een vast trio vormt, en rietblazer Tobias Delius, met wie hij ook nog niet eerder heeft gespeeld. Zo zijn er twee formaties volledig nieuw.

Govaert wil graag dat zijn publiek net zo betrokken is bij de muziek als de muzikanten op het podium. Zelf is hij bij het spelen optimaal geconcentreerd en volledig toegewijd. Hij wil uitdragen dat het hem menens is. Soms treedt hij op voor het verkeerde publiek, bijvoorbeeld in bepaalde theaters. Soms lopen mensen weg voor de punkachtige freejazzklanken van Cactus Truck, maar degenen die blijven zitten, willen dan een toegift. Het kan ook gebeuren dat iedereen onverwacht laaiend enthousiast is. Govaert zou qua capaciteiten in de band van Marco Borsato kunnen zitten, maar daar kiest hij bewust niet voor. "Mijn hart ligt bij de freejazz, daarmee bereik je nooit een groot publiek, maar dat ambieer ik ook helemaal niet. Ik ben niet geïnteresseerd in het grote succes, het gaat mij niet om de grote aantallen. Het gaat mij om de ervaring op zich. In een kleine setting kun je meer delen en is de betrokkenheid groter."

Gevraagd of hij zijn bestemming heeft bereikt als muzikant, zegt hij: "Het is een proces, het blijft één grote zoektocht. Je blijft jezelf voortdurend uitdagen." Govaert is blij met de kansen die hij krijgt, zoals met de Young VIP Tour en het reizen in de Verenigde Staten. Hij heeft zijn plaats gevonden in de Nederlandse muziekscene. Dat hij nu een carte blanche heeft in het Bimhuis, vindt hij enorm spannend. "Ik voel me verantwoordelijk om er iets goeds van te maken. Er moeten in elk geval verrassingen in zitten. En om op je vraag terug te komen: het mooie van deze muziek is dat er geen bestemming is."