Publicaties‎ > ‎

Jazzorchestra of the Concertgebouw

Jazzorchestra of the Concertgebouw, Concertgebouw Amsterdam, 21 juli 2012

De geest van Duke Ellington waart rond in het Amsterdamse Concertgebouw. Zijn nalatenschap inspireert nog velen tot muzikale hoogstandjes in het hier en nu. Onlangs nog bracht Joe Jackson een album uit met een eerbetoon aan the Duke en ook een bijdetijdse jazzcat als Benjamin Herman interpreteert nog steeds stukken van de orkestleider. In het Concertgebouw was zaterdag het programma grotendeels aan hem gewijd, waar het Jazzorchestra terecht ook diens compagnon Billy Strayhorn in het zonnetje zette. Buitendien was er aandacht voor arrangeur en componist Rob Pronk, die vorige week overleed.

Weinig jazzcomponisten hebben zoveel standards op hun naam staan als Ellington, hoewel sommige ten onrechte aan hem zijn toegekend en van andere niet exact bekend is door wie ze zijn geschreven. Duidelijk is wel dat de meester van de swing in zijn werk vaak frasen van solo's van zijn eigen orkestleden gebruikte voor zijn werk. Het Jazzorchestra onder leiding van Henk Meutgeert kan makkelijk een avond vullen met louter bekende stukken, maar doet dat niet. Natuurlijk is er een geheide uitsmijter in de vorm van It Don't Mean a Thing en komen er hits voorbij, toch is het geen the best of show.

Een klassieker als Caravan is door de bigband opgesplitst in twee delen. Het eerste stuk wordt in een behoedzaam tempo gespeeld, in een slepende uitvoering. Het tweede deel krijgt een flink hoge vaart, met moordend scherpe blazers, en ook een wollig klinkende gitaarsolo. Door het nummer twee contrasterende gezichten te geven, is het verrassend en toont het Jazzorchestra maar weer eens aan wat een arrangement kan doen met een compositie. Veel meer verrassingen biedt de avond niet. Het geluid van een bigband is bekend met zijn aanzwellende blazers, plotselinge dynamische uitbarstingen en felle koperstoten. De solisten doen hun kunstje, het publiek klapt keurig, de musici knikken dankbaar en het orkest zet wederom vrolijk aan. Zo kom je de avond wel door, zelfs zonder dat het spannend wordt.

Maar wat klinkt het allemaal wonderschoon en imponerend in deze zaal. Het Jazzorchestra of the Concertgebouw kan zich geen betere thuishaven wensen. Wat een definitie van klank, wat een helderheid, wat een volheid, wat een ruimtelijkheid. Jammer alleen van die gitaar, de overige instrumenten komen optimaal tot hun recht. Daardoor levert deze avond vooral een klanksensatie, want nieuwe inzichten biedt hij niet. Dat zal het klapgrage publiek een zorg zijn.