Publicaties‎ > ‎

Han Bennink

Interview slagwerker Han Bennink, 23 maart 2017

'Allen zouden Han Bennink gezien moeten hebben voor ze sterven', schreef The Guardian in 2003. Als je een willekeurige bezoeker van Central Park in New York vraagt of hij de Nederlandse drummer kent, heb je kans dat hij bevestigend antwoordt. Als ontwerper en belangrijkste vertegenwoordiger van de New Dutch Swing maakte hij furore tot in verre uithoeken. Komende maandag, op 17 april, wordt Bennink 75 jaar, aanleiding en reden voor tal van festiviteiten, niet alleen concerten, maar ook exposities van zijn grafisch en beeldend werk op diverse locaties in het land. Ook bestaat het Instant Composers Pool Orchestra (ICP) in 2017 vijftig jaar, het orkest dat de slagwerker in 1967 met Misha Mengelberg en Willem Breuker oprichtte. Ter gelegenheid van beide jubilea staat Bennink met ICP en veel gasten dit weekend drie dagen in het Bimhuis.

Vlak voor het interview plaatsvindt is Bennink drie keer in korte tijd onderuit gegaan. Alsof de duvel ermee speelt. "Ik ben drie keer gevallen op mijn speelduim, onder andere toen ik de Thalys uitstapte en toen ik stond te wildplassen", zegt de drummer, terwijl hij met afgrijzen zijn rechterhand toont. Verder verkeert hij in blakende gezondheid en is hij muzikaal in topvorm. Dat blijkt ook op zijn recente trioalbum Adelante, dat een enorme levendigheid uitstraalt en ook romantiek bezit, met een Bennink die geweldig op dreef is. "Heb je de cd?", vraagt hij, "Wat vind je ervan? Er staan veel stukken op van rietblazer Joachim Badenhorst en pianist Simon Toldam. Daarnaast bevat het werk van Misha, die we willen eren. Ik heb veel aandacht besteed aan de keuze van het materiaal en de volgorde waarin dat op het album moest komen. Ik ben erg blij met het resultaat."

Dat Bennink muzikaal gunstige tijden beleeft, zal hem nog goed van pas komen, want er staat veel op stapel. Bij de trilogie dit hele weekend in het Bimhuis zijn veel gasten, onder wie gitarist Reinier Baas, saxofonist Ben van Gelder, gitarist Terrie Ex en stemkunstenaar Greetje Bijma. Een grote wens van Bennink was om Candy Dulfer erbij te betrekken. "Ik ken haar al haar hele leven. Kort na haar geboorte ben ik bij haar in het ziekenhuis geweest. Candy is vier dagen ouder dan mijn dochter en beide meisjes zijn vroeger met elkaar opgetrokken. Gek genoeg heb ik nog nooit met haar gespeeld. Momenteel zit Candy in Tokyo, maar bij het jubileum in het Bimhuis speelt ze met mijn ritmesectie van ICP en zanger Camillo Rodriguez. We spelen dan ook Happy birthday van Stevie Wonder. Verder doen we met Candy een blues van Duke Ellington met rietblazer Ab Baars van ICP. Grote afwezige in het Bimhuis is saxofonist Peter Brötzmann, die zit in Japan. Met hem speel ik al decennia lang. We hebben steeds gezegd: we houden altijd twee plaatsen vrij bij ICP, één voor Breuker en één voor Brötzmann."

Bennink heeft in zijn carrière wijd uiteenlopende wegen bewandeld. Hij speelde freejazz met Albert Ayler, soul met Percy Sledge en smartlappen met Mieke Telkamp. Onlangs bracht het Nederlands Jazzarchief een opname uit met de Amerikaanse tenorsaxofonist Hank Mobley, met wie Bennink speelde in Theater Bellevue in 1968 voor een televisieopname, met onder meer de gebroeders Pim en Ruud Jacobs. "Na de opname zei ik tegen Ruud: dit klinkt als een Amerikaanse ritmesectie. Mobley kickte af van de drugs, maar greep als vervanging naar de alcohol. Hij had het heel zwaar, al was het maar vanwege een jetlag. Ik vond hem een dooie kikker."

Legendarisch zijn de opnames van Bennink en Mengelberg met de Amerikaanse rietblazer Eric Dolphy in 1964, voor diens album Last date. Dolphy overleed kort daarna. Bennink: "Onlangs vond ik een kwitantie terug van de klus met Dolphy. Er stond een bedrag op van 75 gulden." Een curiositeit in zijn loopbaan was de samenwerking met pianist Carel Heinsius rond het jaar 1960. "Heinsius had het Loosdrechts Jazz Concours gewonnen en was dikke vrienden met Ruud Jacobs, die me bij hem introduceerde. Heinsius had zich bekeerd tot christen en raakte volkomen in de Heere. Met hem toerde ik door het land onder de titel Jazz for Christ, waarbij ook preken en gebeden gehouden werden. Hij vroeg me wel of ik gelovig was, wat ik beaamde om er maar vanaf te zijn, ik wilde gewoon spelen. Hij was een lieve jongen."