Publicaties‎ > ‎

Fridolijn van Poll

Interview Fridolijn van Poll, vocalist, componist, tekstdichter, 10 juli 2017

Wat is dat toch met die Japanners dat ze zo van Nederlandse artiesten houden. Saxofonist Hans Dulfer heeft in het Verre Oosten triomfen gevierd en ook met zanger Wouter Hamel lopen de Aziaten weg. De Amsterdamse vocalist Fridolijn van Poll werd in Japan en Hongkong populair met haar band Finn Silver en is daar nu solo getekend bij een platenlabel, waarop vorig jaar haar album Catching currents uitkwam. Ook in Engeland timmert ze aan de weg, altijd onder haar artiestennaam Fridolijn. Ze speelt met Engelse musici en treedt veel op overzee, waar ze inmiddels ook een manager heeft. Haar recente single Frame this behaalde al meer dan een miljoen streams op Spotify. Komende vrijdag staat Van Poll met band in de Koorzaal van het Concertgebouw, waar ze materiaal van Catching currents presenteert en nieuw werk, dat in 2018 op een album verschijnt.

Van Poll is een vrouw van de wereld die heel goed weet hoe zij zich staande moet houden in de veeleisende maatschappij en helder dingen voor ogen heeft. Van Poll: "Ik weet steeds beter welke kant ik op wil en durf daar ook op te varen. Ik heb een ontwikkeling doorgemaakt en het einde daarvan is nog lang niet in zicht. Je kunt het ook horen aan mijn stem, die steeds meer definitie, profilering en zeggingskracht krijgt; de laagtes worden lager, de hoogtes worden hoger en de rondingen worden ronder. Mijn muziek heeft zeker aan diepgang gewonnen. Sommigen vinden die dromerig, maar daar is lang niet alles mee gezegd. Ik streef ernaar dat zang en instrumentatie moeiteloos klinken, terwijl onder de oppervlakte veel complexiteit, betekenis en beschouwing schuilgaat. Dat geldt zowel de klanken als de teksten."

Van Poll put daarbij uit veel verschillende bronnen, zoals veel artiesten in de huidige tijd. Juist de specifieke combinatie van invloeden geeft haar muziek een speciaal karakter. "Mijn referenties lopen uiteen van singer-songwriters als Joni Mitchell, bands als Portishead en Massive Attack tot minimalisten als Philip Glass en Steve Reich. Die hoor je allemaal terug in mijn muziek." Uiteindelijk is het vooral het stemgeluid van Van Poll dat haar onderscheidt van anderen. Dat is licht met een grote helderheid en heeft tegelijkertijd substantie. Haar stem en zang reflecteren haar persoonlijkheid, zonder poeha of imponerend vertoon van ad libs. 

Alles wat ze zingt schrijft ze zelf, samen met de Engelse musici Danny Fisher en David Austin, die ook tot haar vaste band behoren waarmee ze vrijdag in Het Concertgebouw staat. "Ik leerde Danny en David kennen via drummer Richard Spaven, met wie ik al eerder had gewerkt. Een paar jaar geleden was ik op zoek naar nieuwe musici met wie ik kon schrijven, waarbij ik het moeilijk vond om mensen te vinden met wie het echt klikte. Na urenlang kroegbezoek en eindeloos sparren met Richard viel diep in de nacht bij hem het kwartje en kwam hij met Danny en David op de proppen. Ik heb hem toen blind gevolgd en daar ben ik nog altijd blij om." Van Poll en de Engelsen hebben allemaal dezelfde muzikale referenties en voelen elkaar goed aan. Behalve de namen die ze al noemde hebben ze in algemene zin gedeelde voorkeuren voor jazz, soul en folk. Spaven maakt ook veel gebruik van elektronica. "Met hen is er langzamerhand een muzikaal patroon ontstaan dat heel goed bij mij aansluit en waar ik mij heel prettig bij voel."

Het jazzelement zit hem bij Van Poll vooral in de mindset die leidend is in haar werk. Zij wil dingen op het podium kunnen laten ontstaan en de musici daarbij veel ruimte geven. Het gaat haar om vrijheid en grenzen opzoeken. Een standaard gitaarliedje vind ze niet interessant, het gaat haar erom wat je ermee doet. De jazzmusici met wie ze werkt hebben eenzelfde mentaliteit. "Niemand is in zijn interesse meer beperkt tot één subcultuur. Ik merk dat aan mijn zangleerlingen, die naar van alles en nog wat luisteren. Alles is tegenwoordig ook beschikbaar. Ik sta in een verband met vocalisten als Becca Stevens, Laura Mvula en Lianne La Havas, met wie ik me onderdeel voel van een internationale beweging, waarbij een eigen artistieke visie en vernieuwing centraal staan. Maar ik ben geen pionier, ik maak toch vooral wat ik mooi vind."