Publicaties‎ > ‎

Cecile McLorin Salvant

Twee jaar geleden op het podium van de North Sea Jazz Club in Amsterdam kon zij de hooggespannen verwachtingen niet waarmaken. Haar techniek faalde jammerlijk en als podiumpersoonlijkheid kwam zij slecht uit de verf, met een timide, weinig uitgesproken houding. Pijnlijk dat zij pogingen deed de hoge noten van haar album For one to love te halen, maar dat die er slechts met horten en stoten uitkwamen. Was dit de beoogde opvolger van de grootste vrouwelijke jazzvocalisten uit de twintigste eeuw? Cécile McLorin Salvant had diepe indruk gemaakt met For one to love, dat in 2016 terecht met een Grammy Award werd beloond. Eerder al had zij de Thelonious Monk International Jazz Competition gewonnen, de hoogst haalbare prijs in de jazz. Superlatieven schoten tekort. 

Ondanks de deceptie in Amsterdam en wellicht ook elders stootte zij door en stond zij onlangs in de Grote Zaal van Het Concertgebouw, onder meer met materiaal van haar nieuwe dubbelalbum Dreams and draggers. Dat document doet niet onder voor For one to love, maar biedt weinig nieuwe inzichten en mist de verrassing van zijn voorganger. Haar techniek en stemmogelijkheden zijn op de plaat weer optimaal en het gevoel voor humor is evident; haar persoonlijkheid blijft achter bij de grandeur en het overwicht van Dianne Reeves en de mysterieuze aantrekkingskracht van Cassandra Wilson, beiden weliswaar een stuk ouder. Ook is de repertoirekeuze van de gelouterde vocalisten veel avontuurlijker. McLorin Salvant lijkt een geperfectioneerde of opgepoetste versie van een klassieke jazzzangeres uit vroegere dagen, met jazzstandards, musicalliedjes en eigen songs die aansluiten bij de traditie.

Van een andere orde en veel belangwekkender zijn vocalisten als Simin Tander, Susanne Abbuehl en Sidsel Endresen, al jaren gevestigd in de internationale jazz. Het afgelopen jaar sloten de Poolse Natalio Mateo en de Zwitserse Lucia Cadotsch zich aan in dat rijtje. Zij bereiken allen een grote intensiteit, expressiviteit en emotionaliteit, maar altijd met veel gevoel voor stilering. In hun stemimprovisaties zoeken ze timbres, klanken en kleuren die verder gaan dan menige scat, ook die van McLorin Salvant.

De 23-jarige Nederlandse Sanne Rambags staat te trappelen om zich met geheel eigen elan te voegen in het gezelschap van deze prachtzangeressen. Met het trio met drummer Joost Lijbaart en gitarist Bram Stadhouders raakt zij talloze zielen, in Nederlandse zalen, en ook in China, Mali, Mexico en India. Zij boort een universele onderlaag aan die veel dieper gaat dan de westerse, traditionele beleving van McLorin Salvant. 

McLorin Salvant is van een grote klasse - zeker in haar stiel - en laten we haar liefkozen, maar niet met louter superlatieven.